Privacy bescherming onderzoek sociale media AIVD kan beter

1291

De AIVD heeft de afgelopen jaren veel geïnvesteerd in onderzoek op internet. Het is een vast en effectief onderdeel geworden van het instrumentarium van de dienst. Dit heeft geleid tot een groot aantal inlichtingenoperaties op sociale media. Bij deze ontwikkeling is de toepassing van de regels van privacybescherming op sommige punten achtergebleven. Dit heeft tot gevolg dat bij een aantal van de onderzochte operaties onrechtmatigheden zijn geconstateerd. Deze onrechtmatigheden betreffen met name de motivering van het gebruik van bepaalde bevoegdheden (inzet agenten en hacken) en de verslaglegging van operaties. Daarnaast is het heimelijk binnenhalen van een aantal grotere algemene webfora disproportioneel.

Dat zijn de belangrijkste conclusies van het vandaag gepubliceerde rapport van de Commissie van Toezicht betreffende de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (CTIVD, hierna: de Commissie). In dit rapport heeft zij door middel van diepteonderzoek van enige tientallen inlichtingenoperaties in de periode van 1 januari 2011 tot 1 januari 2014 bezien of de inspanningen van de AIVD op het terrein van sociale media rechtmatig zijn.

De Commissie constateert dat de AIVD bij zijn onderzoek op open bronnen blijft binnen de grenzen van de algemene bevoegdheid tot het verzamelen van gegevens. Daarnaast stelt de Commissie vast dat wanneer de AIVD externe agenten (niet-medewerkers van de dienst) op sociale media inzet, op juiste wijze schriftelijk verslag wordt gedaan van hun aansturing en van de opbrengsten.

Tekortkomingen worden geconstateerd bij de motivering van agentenoperaties, de verslaglegging van interne agentenoperaties (agenten in dienst van de AIVD), bij het heimelijk binnenhalen (verwerven) van grotere algemene webfora en bij de samenwerking met buitenlandse diensten.

Motivering
Bij vijf agentenoperaties waarbij webfora zijn verworven schiet de motivering van de inzet van deze agenten zodanig tekort dat de toestemmingen hiervoor onrechtmatig zijn gegeven. Het belang van de motivering ligt in het toetsbaar vastleggen van de afwegingen die de AIVD volgens de wet dient te maken alvorens van een bijzondere bevoegdheid gebruik te maken. Het gaat daarbij om de noodzaak tot het gebruik van de bevoegdheid, de vraag of de inbreuk op de privacy van de burgers in verhouding staat tot het doel van die inbreuk (proportionaliteit) en of lichtere middelen voorhanden zijn (subsidiariteit).

Verslaglegging
Ten behoeve van de veiligheid van de agenten, de interne verantwoording en het extern toezicht door de Commissie is verslaglegging van operaties van wezenlijk belang. Bij de inzet van interne agenten op sociale media schieten de operaties tekort op het vlak van verslaglegging. In eveneens vijf van de bestudeerde agentenoperaties waarbij medewerkers van de AIVD actief zijn ingezet op sociale media onder een virtuele identiteit, is het gebrek aan verslaglegging van dien aard dat de Commissie van oordeel is dat die operaties op dit punt op onrechtmatige wijze zijn uitgevoerd. In vier van deze operaties hadden de agenten ook toestemming gekregen strafbare feiten te plegen. Nu de verslaglegging aanzienlijk tekortschiet, is de Commissie van oordeel dat de uitvoering van de toestemming tot het plegen van strafbare feiten ook onrechtmatig is. De Commissie heeft als gevolg van de gebrekkige verslaglegging niet kunnen beoordelen of aan deze agenten voldoende sturing is gegeven en voldoende afstand tot het verbod van uitlokking is bewaard.

Proportionaliteit
Binnen de tientallen inlichtingenoperaties die de Commissie heeft onderzocht, heeft zij ook aandacht besteed aan de verwerving van webfora. In verreweg de meeste gevallen past deze verwerving binnen de taakuitvoering van de dienst. Het betrof webfora met een overwegend radicale of extremistische signatuur. In vier gevallen acht de Commissie de verwerving van webfora echter niet proportioneel, en dus onrechtmatig. Het ging hierbij om grotere algemene webfora waar een radicale of extremistische signatuur ontbrak en waarbij het aanwezige aantal targets en de te verwachten opbrengst in geen verhouding stond tot de inbreuk op de persoonlijke levenssfeer van de overige gebruikers van de webfora, die geen target van de AIVD waren.

Samenwerking met buitenlandse diensten
De Commissie heeft geen aanwijzingen dat de AIVD buitenlandse diensten heeft verzocht bevoegdheden in te zetten waar de AIVD zelf niet over beschikt (de zgn. U-bocht constructie). Daarnaast heeft de Commissie geen onrechtmatigheden geconstateerd ten aanzien van operaties die de AIVD samen met buitenlandse diensten heeft uitgevoerd (bijvoorbeeld gezamenlijke agentenoperaties). Wel is de Commissie van oordeel dat de AIVD in een viertal gevallen onrechtmatig heeft gehandeld door webfora te verwerven voor een buitenlandse dienst, zonder hiervoor toestemming aan de minister te vragen.

Tot slot
Het aantal geconstateerde onrechtmatigheden moet worden bezien in het licht van het totale aantal inlichtingenoperaties van de AIVD op sociale media. Beleid en praktijk zijn in de meerderheid van de gevallen rechtmatig. Op onderdelen is dat niet het geval en dat moet worden rechtgezet.

Interessant? Deel het!
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •