Eindelijk Nieuw VGB Beleid

805

Minister van Defensie Hennis-Plasschaert heeft de Tweede Kamer geïnformeerd dat n.a.v. een evaluatie van het bestaande beleid m.b.t. de Verklaring van Geen bezwaar (VGB) dit beleid zal worden aangepast. 

De minister geeft aan dat in die evaluatie steeds terugkerende knelpunten zijn meegenomen: het aantal vertrouwensfuncties, onvoldoende gegevens over de (aspirant-) medewerker en over de partner (het ‘partnerbeleid’), justitiële antecedenten (waaronder ‘jeugdzonden’), financiële kwetsbaarheid, de rol van de commandant en de lange doorlooptijd van het VGB-traject. Uit de evaluatie zijn een aanzienlijk aantal aanbevelingen gekomen om bovengenoemde knelpunten te verminderen.

De belangrijkste maatregelen die op korte termijn worden voorzien zijn:

  • de herintroductie van het veiligheidsmachtigingsniveau C (VMN-C) voor militairen, in combinatie met een aanpassing van de bijbehorende eisen (Tot nu toe waren alle militaire functies vastgesteld als vertrouwensfuncties op minimaal het veiligheidsmachtigingsniveau B);
  • de diepgang van het veiligheidsonderzoek bij het VMN-C. Bij VMN-C wordt niet langer vereist dat ten aanzien van de partner en medebewoners politieke en justitiële gegevens inzichtelijk zijn. Tot dusver werd een aantal VGB-en om die reden geweigerd of ingetrokken. Het doel van deze maatregelen is om ontslagen wegens onvoldoende gegevens over de partner zoveel mogelijk te voorkomen. De insteek is om deze maatregel voor 1 februari 2016 gereed te hebben, zodat deze aansluit op de Tijdelijke Voorziening VGB m.b.t. partners;
  • het ontwikkelen en bekend stellen van indicatoren om tot meer transparantie te komen over wanneer schulden tot financiële kwetsbaarheid leiden, en daarmee consequenties kunnen hebben voor de VGB;
  • het opstellen van een handleiding om de rol van de commandant bij intrekking van de VGB beter tot zijn recht te laten komen. Daarbij zal aandacht worden besteed aan het verbeteren van de aanverwante rechtspositionele processen (bijvoorbeeld proces van schorsing, bezwaar- en beroep) waarvoor de commandant verantwoordelijk is.

Een aantal aanbevelingen vergt een nadere uitwerking alvorens tot concrete maatregelen kan worden besloten. Zo zal onder meer worden bekeken of een VGB met beperkingen aan de functie-uitoefening mogelijk is, of de maximale duur van de periode waarin de politieke en justitiële gegevens niet beschikbaar zijn verlengd kan worden van drie naar zes maanden, of de terugkijkperiode bij VMN C kan worden gesteld op vijf in plaats van acht jaar en of de inspanningen van de MIVD bij onvoldoende gegevens kunnen worden uitgebreid. Ook zal worden bezien in hoeverre de verschillende veiligheidsmachtigingsniveaus (A, B en C) kunnen leiden tot differentiatie in de beoordelingscriteria bij justitiële antecedenten.

Bron: Prodef
Mindef

Interessant? Deel het!
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •