De beperking van de AOW-partnertoeslag vanaf 46.000 euro pensioen legt  een onevenredige bezuiniging van ruim 270 miljoen eenzijdig bij de midden en hogere inkomens (inkomensnivellering). Mensen hebben en kunnen zich hier onvoldoende op voorbereiden, aldus MHP-beleidsmedewerker Klaartje de Boer.

MHP_Klaartje_de_Boer

Het leek duidelijk tot wanneer er aanspraak was op de partnertoeslag, maar nu worden bestaande rechten ineens inkomensafhankelijk beperkt. Voor de MHP zijn dergelijke inkomensgrenzen, die het kabinet introduceert, willekeurig en onrechtvaardig. De vakcentrale wijst het hanteren van dergelijke grenzen om principiële reden daarom af.

Het accepteren van grenzen in dergelijke regelingen maakt dat die willekeurige grenzen eenvoudig afhankelijk van de toestand van ‘s rijksschatkist kunnen worden aangepast. Staatssecretaris Klijnsma (PvdA) van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) heeft op 2 juli het ‘Wetsvoorstel geleidelijk afschaffen partnertoeslag AOW voor mensen met hoogste inkomen’ naar de Tweede Kamer gestuurd.

De partnertoeslag is bedoeld voor AOW’ers met een jongere partner die geen of weinig eigen inkomsten uit arbeid heeft en die nog geen recht heeft op Algemene Ouderdomswet (AOW). De maatregel treft 27.000 AOW’ers  die op 31 maart 2015 al recht hebben op de partnertoeslag, want mensen die op of na 1 januari 1950 zijn geboren hebben sowieso geen recht (meer) op een toeslag.

De regering hanteert nu een ‘afbouw pad’ waarbij de partnertoeslag bij een inkomen boven de 46.000 euro (exclusief AOW) ieder jaar met een kwart wordt gekort. In het vierde jaar is de korting 100% (2018). Door de geleidelijke manier waarop de toeslag omlaag gaat, is het jaarlijkse maximale inkomenseffect ongeveer -2¼%.

Inkomens vanaf 54.000 euro per jaar zullen in totaal een bedrag van 8.300 bruto aan inkomen verliezen. De MHP zal een brief aan de Tweede Kamer sturen dat het hanteren van inkomensgrenzen in deze afbouwregeling wordt afgewezen en bovendien het hanteren van inkomensgrenzen in vergelijkbare regelingen om principiële reden niet dienen te worden toegepast

[box] Wat is de mening van de ODB. Het kabinet heeft bij herhaling aangegeven niet of zo min mogelijk aan inkomensnivellering te doen. Nu blijkt telkens weer dat deze verkiezingsbelofte keer op keer de prullenbak in kan. De regering vindt elke keer voldoende excuses om lastenverzwaringen door te voeren. Ditmaal de AOW-partnertoeslag. Alhoewel een (hoge) grens wordt aangegeven, wil dat beslist niet zeggen, dat dit een harde afspraak is, en indien de regering meer geld nodig heeft de grens lager en lager komt te liggen.

De ODB steunt daarom de MHP in haar stelling, afspraak is afspraak[/box]

bron: MHP