Recentelijk stond ik een jonge militair bij die zijn opleiding niet had gehaald. Hij werd daardoor ontheven uit de opleiding en er zou ook ontslag volgen. Er was dus geen plaats meer in de militaire herberg.

Daarbij werd hij in afwachting van het ontslag op een kamer geplaatst met andere militairen die wel herexamen mochten doen. Hij echter niet. Defensie had geen fiducie meer in een goede afloop. Hij mocht uiteraard wel doorwerken tot de laatste dag van zijn aanstelling.

Daar blonk hij echter in positieve zin uit. Zijn militaire en functionele baas waar hij de laatste maanden werkte begreep niet goed waarom hij geen herkansing kreeg, want hij vond dat deze jonge militair wel degelijk opleidbaar was. Toen kwam hij bij mij.

Tijdens het eerste gesprek dat ik met hem had, bleek dat er sprake kon zijn van een vorm van ADHD. Hij leerde (daardoor) simpelweg niet makkelijk en zat om die reden ook niet goed in zijn vel. Zijn onderdeelsarts had het wel opgemerkt en wilde wellicht wel behandelen, maar toen stond de militair reeds met een been buiten de militaire dienst. Soms lijkt het erop dat als de juridische molen bij Defensie eenmaal gaat draaien, niemand hem meer stil krijgt. Als je bedenkt dat Defensie een vermogen uitgeeft om de man/vrouw te werven en met een pennenstreek (tegenwoordig lijkt het meer een druk op de knop) tot ontslag overgaat, is dat soms onnavolgbaar. Iedere militair krijgt toch een keuring voordat hij in militaire dienst opkomt?

Volgende stop was dus de rechtbank te Den Haag. Daar werd een voorlopige voorziening (een soort bestuursrechtelijk kort geding) aangevraagd en deze werd door de rechter toegewezen. De militair diende eerst te worden onderzocht en het ontslag werd geschorst. De zaak loopt dus nog.

Nu weet u met mij dat indien iedere militair met een gebrek zou worden ontslagen, het leger redelijk leeg zou zijn. In deze casus betreft het een relatief eenvoudige aandoening, maar hoe zorgvuldig wordt er gekeken naar de militair die voor Hare Majesteit in den vreemde is geweest? Ik herinner mij de zaak van de zogenaamde dienstweigeraar van 5 jaar geleden, ook toen lette niemand op wat die militair zelf aangaf en had meegemaakt. Er is kennelijk niet veel veranderd.

U bent gewaarschuwd!

Door mr. H.J.G. Dudink