Velen zal het ontgaan, maar Amerika vraagt met regelmaat uitlevering van staatsburgers van andere soevereine staten. Ook Nederland voldoet (volgens mij altijd) aan een dergelijk verzoek. Zelf levert Amerika overigens nimmer staatsburgers uit en erkent het Strafhof in Den Haag simpelweg niet. Het zou een ‘politiek’ instrument zijn.

Zoals u wellicht weet, vecht ook de oprichter van Wikileaks, Julian Assange zijn uitlevering van Engeland naar Zweden aan, omdat hij bang is om door Zweden aan Amerika te worden uitgeleverd. Als je in Amerika 7 jaar de cel in kunt gaan wegens het (vermeende) stelen van een brood, dan heeft iedereen wel beeld bij wat Amerika Assange voor het lekken van staatsgeheimen zou willen aansmeren.

Het getuigt dan ook van (juridische) moed van het Hooggerechtshof in Canada, om na 5 jaar procederen aan de enorme politieke druk weerstand te bieden.

In dit geval betreft het de uitlevering van A. Khadr, die door Amerika wordt verdacht van terreurmisdaden. Zijn uitlevering wordt nu geblokkeerd omdat volgens de Canadese rechters zijn mensenrechten zouden zijn geschonden tijdens zijn hechtenis in Pakistan. De Amerikanen zouden in 2004 $ 500.000,- aan de Pakistaanse inlichtingendienst hebben betaald om hem te ontvoeren en 14 maanden op een geheime plek gevangen te houden.

Hij zou volgens de Canadese rechters ook met medeweten van de Amerikanen zijn gemarteld. In artikel 7 van het Verdrag van Bescherming van Burgerlijke en Politieke Rechten (IVBPR) staat dat martelen verboden is. In artikel 10 staat de plicht tot het menselijk en waardig behandelen van gevangenen. Uiteraard zou bovenstaande vanzelfsprekend moeten zijn, maar kennelijk is het dat niet.

Natuurlijk kun je jezelf afvragen waarom Khadr in Pakistan was. Maar dat is niet de vraag die hier diende te worden beantwoord. Hier was namelijk de Canadese rechtsstaat in het geding en die won deze ‘veldslag’.

Voer voor juristen.

U bent gewaarschuwd en geïnformeerd!

Bron: www.canadianlawyermag.com