De dekkingsgraad van ABP, de verhouding tussen bezittingen en verplichtingen van een pensioenfonds, is in de maand juli met 6%-punt gedaald. Eind juni kende het fonds nog een dekkingsgraad van 112%. Eind juli was deze gezakt naar 106%. In augustus, toen de financiële markten in steeds zwaarder weer kwamen, is de positie van ABP verder verslechterd. De dekkingsgraad ligt op dit moment onder de 100%.

Wat betekent dit voor de pensioenen?

Op dit moment heeft dit geen gevolgen voor de pensioenen. De dekkingsgraad, die heftig kan schommelen, is ook de maatstaf voor het nemen van een premie- en indexatiebesluit. Dat gebeurt doorgaans in de maand november. Het is nu te vroeg om uitspraken te doen over de dekkingsgraad op dat moment en de eventuele gevolgen daarvan. De omstandigheden zijn daarvoor te veranderlijk.

Een ander belangrijk moment ligt aan het einde van het jaar. Dan evalueert ABP zijn herstelplan. In dat plan staat beschreven hoe ABP in vijf jaar tijd (2009-2013) de dekkingsgraad weer op het vereiste niveau van 105% brengt. Het fonds heeft geruime tijd voorgelopen op het uitgestippelde pad. Als dat ook aan het einde van dit jaar het geval is, hoeft het bestuur geen extra maatregelen te treffen.

Mocht ABP achterblijven op het herstelplan dan zal het bestuur een beoordeling moeten maken welke maatregelen uit het herstelplan ingezet moeten worden, en voor welke omvang dit dient te gebeuren.

Waarom daalt de dekkingsgraad zo hard?

De forse daling van de dekkingsgraad wordt zowel door een dalende rente als door daling van de koersen op de financiële markten veroorzaakt. De dekkingsgraad geeft de verhouding weer tussen het vermogen van ABP (de bezittingen) aan de ene kant en de nu en in de toekomst uit te keren pensioen (de verplichtingen) aan de andere kant. De waarde van de verplichtingen is afhankelijk van de stand van de rente.

Als de rente daalt, wat nu het geval is, betekent dit dat ABP meer moet reserveren om aan de verplichtingen te kunnen voldoen. Als de rente stijgt, neemt deze reservering juist af.

Een pensioenfonds is dus erg afhankelijk van de dagkoers van de rente. Dat maakt ook dat de dekkingsgraad hevig kan schommelen. Als de rente bijvoorbeeld met 1%-punt daalt, nemen de verplichtingen met 17% toe, en daalt de dekkingsgraad met circa 12%-punt.

Daarnaast spelen uiteraard ook de beleggingen een rol. ABP heeft ervaren dat het verstandig is om, ook in zwaar weer, vast te houden aan de beleggingsstrategie. Een pensioenfonds belegt immers voor de lange termijn. In 2009 en 2010 heeft dat duidelijk vruchten afgeworpen.