In eerdere artikelen dit jaar bent u geïnformeerd dat militairen onterecht te veel pensioenpremie betalen. Dit had te maken met het feit dat burgers in 2004 over gingen naar een middenloonstelsel en militairen in het eindloonstelsel bleven.

Volgens afspraak werden de meerkosten in premie voor ‘het in het eindloon blijven’ op het militaire personeel afgewenteld, welke anders voor het grootste deel door de werkgever zouden worden betaald. In de laatste drie artikelen heb ik laten zien op welke wijze reorganisaties, personeelsbeleid en uitzendbeleid invloed hebben op de te betalen pensioenpremie. In dit artikel ga ik in op de onterechte en (vooralsnog) heimelijke omvorming van de aparte opslag van 2004 en 2005 in een structurele opslag op de pensioenpremie opgenomen in reguliere pensioenpremie van de loonstrook vanaf 2006 elk jaar weer.

In 2004 en 2005 hadden militairen op de loonstrook een aparte opslag op de pensioenpremie van respectievelijk 1,6% en 1,8%. In 2006 was er geen aparte premieopslag meer. Als de militair op zijn loonstrook kijkt en ziet dat de pensioenpremie in 2006 lager is dan die in 2005 inclusief de opslag, vindt hij dit al gauw prima en kijkt niet verder. Ik ook niet overigens. Maar Defensie kreeg eind 2005 van het ABP te horen dat het bepalen van een aparte opslag niet langer kon.

„Meerkosten in premie op het militaire personeel afgewenteld”

De oplossing werd gevonden door deze opslag structureel te maken door hem op te nemen in de reguliere pensioenpremie die de militair moet betalen. Doordat het premietarief fors daalde, viel niemand dit op. Deze operatie werd uitgevoerd door de verdeling van de premie over de werknemer en de werkgever van 25% en 75% in 2006 te wijzigen in 30% en 70%. Dat kwam ongeveer overeen met de gewone pensioenpremie én de opslag daarbij opgeteld zoals die in 2004 en 2005 werd betaald. Waar toen niemand naar heeft gekeken, is of er nog wel een reden was voor een opslag (apart of structureel). Ik heb eerder al uitgelegd dat je, gelet op de doelstelling van Defensie geen meerkosten te willen hebben, moet kijken naar de te betalen premie en niet naar het premietarief.

Defensie heeft vanaf 2010, toen er weer een aparte opslag bijkwam, gekeken naar het premietarief. Laten we dat voor de aardigheid eens doen met de premieverandering van 2005 naar 2006 om te zien of er met de door defensie gebruikte methode in de latere jaren wel een opslag had moeten zijn.

De premie bij het middenloon daalt met 7,6%. Die van het eindloon daalt veel meer (14,7%). Wanneer die van het eindloon net zoveel zou dalen als van het middenloon, ontstaat een tarief van 21,4%. De premie voor het eindloon is echter 1,6%-punt meer gedaald (21,419,8). De aparte opslag in 2005 bedroeg 1,8% (waarbij ik even buiten beschouwing laat of die klopt). Volgens de defensiemethode had er dan een opslag van 0,2% moeten blijven bestaan (1,8-1,6). Defensie heeft echter in 2006 de premieverdeling voor de militair van 25% naar 30% veranderd. Die stijging van 5%-punt over een premie van 19,8% staat gelijk aan een aparte opslag van afgerond 1% (5% x 19,8%= 0,99%). Dit terwijl die reden er niet is omdat de kosten voor defensie vanaf 2006 lager zijn én omdat het ook volgens de methode van defensie zelf er geen reden was voor een opslag in deze omvang.

„Bent u hierover in 2006 geïnformeerd?”

Bent u hierover in 2006 geïnformeerd? Ik niet, maar ik laat me graag overtuigen. Heeft u nog meer redenen nodig om straks even ‘nee’ te zeggen tegen de nieuwe CAO totdat ook deze bal door Defensie is opgepakt?

Bron: drs. P.A. Eijkelenkamp, luitenant-kolonel der Artillerie/Facebook PowerbyNumbers
Foto: Redactie/MinDef

Redactie:
U bent geïnformeerd en gewaarschuwd!