Inspecteur Generaal der Krijgsmacht (IGK) luitenant-generaal Hans van Griensven ontving dinsdag 21 november 2017 tien Molukse veteranen op het landgoed De Zwaluwenberg. Met deze ontvangst betoonde de IGK de veteranen van het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger (KNIL) de erkenning en waardering waar zij al jaren recht op hebben.

Indische archipel
De ontmoeting volgde na contact tussen de IGK en Leo Rawaruw. Hij, zelf veteraan, sprak Van Griensven aan over de veteranen van de generatie van zijn ouders.  De Molukse militairen verdedigden niet alleen Nederlands-Indië tijdens de Tweede Wereldoorlog maar werden daarna ingezet bij alle politionele acties in de Indische archipel.

Kille ontvangst
Van Griensven: “Leo Reawaruw vertelde mij dat u als Ambonese KNIL-veteranen nooit de erkenning en waardering heeft gekregen die u heeft verdiend. Sterker nog: In Indië stond u bekend als de meest trouwe militairen van het KNIL. Hier in Nederland kreeg u een ontzettend kille ontvangst. Niet de ontvangst die eigenlijk hoort voor mensen die het Koninkrijk als militair dienden en daarbij soms hun leven op het spel hebben gezet.”

Koninkrijk trouw gediend
De IGK zei het verleden niet te kunnen terugdraaien, maar er wel iets aan te willen doen. Van Griensven: “Daarom bent u vanavond hier. Ik ontvang u graag in de mooiste omgeving die ik u kan aanbieden: mijn hoofkwartier. Dat was ook jarenlang het hoofdkwartier van Prins Bernhard. Ik ontvang u als Ambonese KNIL-veteranen graag, omdat u ons Koninkrijk trouw hebt gediend als militair in oorlogsomstandigheden. Daarvoor verdient u respect.”

Aandacht en erkenning
Namens de minister van Defensie en de regering bedankte de IGK de veteranen voor hun inzet als militair. “Voor uw inzet in het belang van Nederland, verdient u de dankbaarheid van de Nederlandse samenleving”, zo zei hij. Leo Reawaruw zei blij te zijn met de aandacht en erkenning: “Wij maken vandaag het verschil. Onze vaders zijn KNIL-militairen oftewel Nederlandse militairen en veteranen.”

Een luisterend oor
De IGK is tevens Inspecteur der Veteranen en bood de KNIL’ers en hun 80 familieleden en vrienden in die rol een luisterend oor. Daarnaast waren mensen aanwezig van de Defensiestaf, het Comité Veteranendag en het Veteraneninstituut. Zij hielpen de genodigden met informatie over bijvoorbeeld een veteranenstatus, veteranenpas of een kwijt geraakte veteranenspeld. Ook was een antwoord op vragen hoe onderscheidingen zijn aan te vragen.

Mening ODB
‘Geweldig’ …. bijna 58 jaar nadat de KNIL werd opgeheven is er dan eindelijk een klein gebaar vanuit Defensie voor een grote vergeten groep oud-militairen. Maar het had wel wat eerder mogen komen. Opvallend is dat Defensie wel heel erg traag van begrip is voor deze groep. KNIL’ers die krijgsgevangen werden genomen zouden normaal gesproken hun salaris doorbetaald of achteraf met terugwerkende kracht uitbetaald hebben gekregen.

Na de oorlog bleek dat Nederlands marinepersoneel wèl maar KNIL militairen géén salaris kregen uitbetaald over de jaren dat ze in krijgsgevangenschap hadden gezeten. KNIL militairen werden betaald door de toenmalige Nederlands Indische regering, marinepersoneel werd direct door Nederland betaald. De Nederlandse regering erkent dat ze wel recht hebben op achterstallige soldij maar dat met de creatie van de republiek Indonesië deze alle plichten van de oude Nederlands-Indische regering heeft overgenomen. Dit zou betekenen dat Indonesië al deze oud-KNIL militairen hun achterstallige soldij zou moeten betalen, hetgeen Indonesië echter niet doet.

Oud-KNIL militairen stellen dat Nederland moet betalen omdat zij toen voor Nederland en niet voor Indonesië vochten, ze vochten direct na de oorlog zelfs tegen de nieuwe republiek Indonesië [1]. Oud-KNIL militairen vechten tot op de dag van vandaag voor erkenning en uitbetaling van hun achterstallige soldij (zie het Gebaar).

Bron: Defensie/Wikipedia
Foto: Defensie