Een Mobile Support Team (MST) van zo’n 25 militairen is vanaf 1 april inzetbaar in Noord-Irak. Het team gaat Koerdische Peshmerga-strijders trainen. Het MST is actief naast de huidige trainingsteams. De ministers Jeanine Hennis-Plasschaert (VVD) en Bert Koenders (PvdA) maakten dit 30 maart jl. bekend.

De Peshmerga vormen belangrijke grondtroepen in de strijd tegen ISIS in Irak, waar de terreurorganisatie steeds meer terrein verliest. Het Ministry of Peshmerga gaf aan behoefte te hebben aan trainingsteams die niet gebonden zijn aan vaste trainingslocaties. Daaraan komt Nederland nu tegemoet. Dit mobiele trainingsteam richt zich bijvoorbeeld op het trainen van kleinere groepen ter voorbereiding op specifieke operaties. Dit gebeurt eventueel dicht achter de frontlinie. Het MST zal echter nooit meedoen aan gevechtssituaties en confrontaties met ISIS.

Het team vormt een goede aanvulling op de Nederlandse militairen die met coalitiepartners basis infanterietrainingen geven aan Peshmerga strijders. Dat gebeurt sinds februari 2015 op vaste trainingslocaties in Erbil en omgeving.

De inhoud van de MST-trainingen wordt bepaald door de wensen van de Peshmerga. De verwachting is dat vooral aandacht wordt besteed aan tekortkomingen en behoeften op basis van recente gevechtservaringen. Denk aan schietvaardigheid en medische trainingen. Een MST-training duurt naar verwachting maximaal 7 dagen. Het biedt tegelijkertijd de mogelijkheid de basistrainingen te beoordelen en waar nodig aan te passen.

Het MST bestaat uit ongeveer 20 trainers, aangevuld met specialisten (counter-IED en schietvaardigheid) en een arts. In principe beschermen de militairen zichzelf met hun persoonlijk wapen. Ook zorgen ze zelf voor de eerste medische hulp. Bij calamiteiten vallen ze terug op de quick reaction-capaciteit van coalitie-eenheden of de Peshmerga.

De inzet van het MST volgt uit de aanvullende artikel 100-brief van 29 januari 2016. Hierin kondigde het kabinet de intensivering aan van de Nederlandse bijdrage aan de strijd tegen ISIS in Irak en Syrië. De kosten werden in de brief geschat op maximaal € 4,2 miljoen. Omdat de militairen gebruikmaken van al aanwezige logistieke infrastructuur is die schatting verlaagd naar € 2,8 miljoen.