Het rapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) naar aan leiding van het mortierongeluk, dat leidde tot de tragische dood van twee jonge militairen korporaal Kevin Roggeveld (24) en sergeant der 1ste klasse Henri Hoving (29), staat volgens de Onafhankelijke Defensiebond (ODB) helaas niet op zichzelf. In dit specifieke geval laat het rapport zien dat er van alles mis is met de gebruikte munitie, het gebruik van de munitie én de medische zorg nadien.

Het incident staat echter niet op zichzelf, maar past in een structureel beeld van – zoals de Rekenkamer het eerder typeerde – ernstige onvolkomenheden in de bedrijfsvoering. Dit is niet enkel een administratief gegeven: er zijn legio andere incidenten zoals (maar niet beperkt tot) onveilige schietbanen, munitiegebrek en het negeren van veiligheidsvoorschriften.

Wat de ODB betreft gaat het niet om afzonderlijke details, zoals de minister suggereerde in een interview met RTL-verslaggever Siebe Sietsma, maar een combinatie van nalatigheid die het vertrouwen in de veiligheid van zowel de organisatie als het materieel schaadt. Natuurlijk kunnen er altijd incidenten zijn – aan werken met munitie zit altijd een zeker risico. Maar tekortschieten op verschillende niveaus (inkoop, controle, opslag, gebruik en medische zorg) met de daaraan gekoppelde risico’s is onacceptabel en ongehoord!

Vertrouwen is één van de belangrijkste fundamenten van een moderne defensie-organisatie. Maar dat een ‘papieren werkelijkheid’ toelaat dat defensiepersoneel onnodig enorme risico’s loopt geeft een enorme knauw aan het vertrouwen – op zichzelf is dat ook een risico voor de veiligheid is. Het is niet alleen onwerkbaar als materiaal onveilig is, maar ook wanneer het onvoldoende wordt gecontroleerd op veiligheid!

De boodschap die de ODB heeft voor zowel de politieke leiding, Defensietop als Tweede Kamer is om ook te kijken naar de achterliggende oorzaken. Jarenlange bezuinigingen hebben geleid tot een herverdeling van de kosten binnen Defensie en vooral op het uitvoeringsniveau is sterk bezuinigd. Met name is jarenlang bezuinigd op kennis en kunde bij soldaten, matrozen en onderofficieren. De bezuinigingen leggen natuurlijk ook druk bij de inkoop, controle, opslag en uiteindelijk gebruik van munitie.

Gedegen geschoolde soldaten, matrozen en onderofficieren zijn in combinatie met een praktisch werkbaar systeem de basis voor het werken met de munitie. Niet de papieren werkelijkheid waarachter de verantwoordelijke officier ter plaatse, de militaire staf of de politieke leiding zich kan verschuilen als het weer eens goed mis gaat. De papieren werkelijkheid die de OVV constateert laat duidelijk zien dat veel werk te verzetten is om een werkbaar systeem op te zetten voor inkoop, controle, opslag en gebruik van munitie zodat veiligheid voldoende is gewaarborgd. Dat volgens de ODB bij kennis en kunde op alle niveaus van de defensie-organisatie in het bijzonder de soldaten, matrozen en onderofficieren en daarnaast bij een systeem van ‘checks and balances’ dat niet alleen op papier bestaat maar ook recht doet aan de werkelijkheid. Alleen zo kunnen nog meer onnodige slachtoffers worden uitgesloten.

Bij elk incident waar zwart op wit de toedracht ligt bij onwetendheid en slecht beleid binnen Defensie wordt tegen de landgenoten gepredikt dat alles tot op de bodem wordt uitgezocht. Het heeft er alle schijn van dat Defensie daar goed mee weg komt. Als er maar een onderzoek komt en de procedure gevolgd wordt. Maar in de afgelopen dertig jaar werd niemand voor disfunctioneren vervolgd en werd niemand uit de politiek echt ter verantwoording geroepen. Opvallend dat pers en bevolking zich zo gemakkelijk de mond laat snoeren. En dat we weer reikhalzend uitkijken naar het volgende incident…..zonder er wat van geleerd te hebben!

Er wordt geroepen dat het zou sieren als minister Hennis als politiek verantwoordelijke zelf haar conclusie trekt uit dit rapport (= aftreden). Daar piekert zij echter niet over want “zij wil optreden en niet aftreden”.
Je zou daarnaast kunnen afvragen want de rol en verantwoordelijkheid van de CDS (en dus ook zijn plaatsvervanger) in het geheel is geweest. Volgens de defensie-site zijn de ‘aandachtsgebieden’ voor deze functie o.a. inzet, personeel en leiderschap. Hij adviseert de minister wat de mogelijkheden van de krijgsmacht zijn. Vervolgens beslist de politiek over wel of geen deelname aan missies, op welke manier en onder welke voorwaarden. Maar als er signalen uit de organisatie komen dat iets niet kan of niet klopt (zoals bijvoorbeeld de medische hulp in Mali door het Tongolese VN hospitaal) … zou de CDS dan niet ‘op de rem moeten trappen’? Helaas lijkt dat niet gebeurt te zijn, dus ……?

Aanbevelingen ODB inzake verbetering veiligheid:

  1. Verbeter en intensiveer de scholing van soldaten, matrozen, onderofficieren. Niet alleen op gebied van het verwerken van munitie, maar op alle terreinen.
  2. Zorg dat het controlemechanisme van materiaal en materieel niet gebaseerd is op wensdenken, maar een systeem van ‘checks and balances’ dat recht doet aan de werkelijkheid.
  3. Zorg ervoor dat munitie en de herkomst ervan te allen tijde traceerbaar is en voer hierop controles uit, zodat het systeem niet verwatert tot een papieren werkelijkheid.

Bron: Redactie
Foto: AudioVisuele Dienst Defensie