Vanaf 15 oktober maakt het Schadefonds Geweldsmisdrijven een grote stap in zijn tegemoetkomingpraktijk. Voortaan ontvangen slachtoffers en nabestaanden van een geweldsmisdrijf geen aparte vergoedingen meer voor verschillende schadeposten, maar een tegemoetkoming in één som.

Niet langer hoeven slachtoffers met letsel door een geweldsmisdrijf bonnetjes aan te dragen, zij ontvangen afhankelijk van de ernst van hun letsel een rond bedrag. Daarmee wil het Schadefonds het tegemoetkomende karakter van het bedrag benadrukken en het indienen van een aanvraag makkelijker maken voor slachtoffers. Daarnaast zal het Schadefonds de aanvragen sneller kunnen afhandelen omdat het controleren en berekenen van opgevoerde schadeposten niet langer nodig is. Aanvragen die vanaf 15 oktober binnenkomen bij het Schadefonds worden volgens het all-in beleid afgehandeld.

De uitkering
De financiële tegemoetkoming is een maatschappelijke uiting van solidariteit en een blijk van erkenning van het onrecht en leed dat een slachtoffer of nabestaande is overkomen. De uitkering is bedoeld voor het leed dat een slachtoffer is overkomen (smartengeld) en voor de eventuele financiële schade die hij of zij door het misdrijf leed. Denk hierbij aan de kosten voor medische hulp en vermindering van inkomsten. Met de uitkering wil het Schadefonds slachtoffers (financieel) vooruit helpen, zodat zij de blik weer op de toekomst kunnen richten.

De uitkering bestaat voortaan uit een vast bedrag. Dit bedrag is gekoppeld aan een van de zes letselcategorieën die het Schadefonds Geweldsmisdrijven gebruikt. In welke letselcategorie het letsel valt, hangt af van de ernst van het letsel, de gevolgen ervan en de omstandigheden waaronder het geweldsmisdrijf plaatsvond. Hoe ernstiger het letsel, de gevolgen en de omstandigheden zijn, hoe hoger de letselcategorie en het bijbehorende bedrag. De uitkering kan variëren van € 1.000 tot maximaal  € 35.000.

Elke nabestaande die recht heeft op een uitkering, krijgt een vast bedrag van € 5.000. Daarnaast kan een nabestaande om een extra uitkering vragen voor uitvaartkosten en voor schade door het wegvallen van het inkomen van de overledene.

Aanleiding
Het “oude” beleid is heroverwogen mede door onderzoek onder aanvragers van het Schadefonds Geweldsmisdrijven. Hieruit bleek dat aanvragers vaak tevreden zijn met de ontvangen tegemoetkoming, maar dat hun tevredenheid vooral afhangt van de snelheid en wijze van afhandeling van hun aanvraag en van de mate waarin het ontvangen bedrag aan hun verwachtingen voldoet. De overgang naar zes categorieën van all-in bedragen zal naar verwachting de snelheid van afhandeling en de voorspelbaarheid van de uitkomst vergroten.

Ook heeft een rol gespeeld dat het Schadefonds het afgelopen jaar ervaring heeft opgedaan met de toewijzing van all-in bedragen bij de uitvoering van twee compensatieregelingen voor slachtoffers van seksueel misbruik in jeugdzorginstellingen en pleeggezinnen. Slachtoffers krijgen volgens die regelingen een tegemoetkoming, waarvan de hoogte afhankelijk is van de aard en ernst van het misbruik, zonder dat zij bewijs hoeven aan te leveren van de gevolgen van het misbruik in de financiële en immateriële sfeer. Dit werkt goed.

Voor meer informatie over het Schadefonds Geweldsmisdrijven: www.schadefonds.nl.

bron: ministerie van Veiligheid en Justitie

KlussenKlussen